Hier zijn de Bijbelpassages die bevestigen dat alleen Jezus (de Messias) het uiteindelijke gezag over de redding bezit, terwijl de discipelen slechts bekrachtigen of aankondigen wat de hemel heeft besloten.
- Matteüs 16.19
Jezus tegen Petrus:
'Ik zal u de sleutels van het koninkrijk van de hemelen geven; wat u op aarde bindt, zal gebonden zijn in de hemelen, en wat u op aarde ontbindt, zal ontbonden zijn in de hemelen.'
• Het Griekse werkwoord wijst op een handeling die in de hemel al is besloten en die de mens alleen maar bekrachtigt.
- Matteüs 18.18
Hetzelfde principe, toegepast op alle discipelen:
'Alles wat u op aarde bindt, zal gebonden zijn in de hemel, en alles wat u op aarde ontbindt, zal ontbonden zijn in de hemel.'
• De discipelen nemen het besluit niet zelf; zij kondigen dat van de hemel aan.
- Johannes 20.23
'Aan wie u de zonden vergeeft, hun zijn ze vergeven; aan wie u ze vasthoudt, hun zijn ze vastgehouden.'
• De vergeving komt van God; de apostelen kondigen deze vergeving of de weigering ervan aan, naargelang de reactie van de mensen op het Evangelie.
- Handelingen 4.12
'En in niemand anders is er redding; want er is onder de hemel geen andere naam onder de mensen gegeven waardoor wij gered moeten worden.'
• De redding behoort uitsluitend aan de Messias Jezus, niet aan een apostel.
- Johannes 5.22
'De Vader oordeelt niemand, maar heeft al het oordeel aan de Zoon gegeven.'
• Het gezag over het laatste oordeel komt uitsluitend toe aan de Messias Jezus.
- Johannes 5.27
'Hij heeft Hem macht gegeven om oordeel te vellen, omdat Hij de Zoon des mensen is.'
• Bevestiging dat alleen de Messias Jezus beslist over het lot.
- 8.33-34
'Wie zal de uitverkorenen van God beschuldigen? God is het die rechtvaardigt. Christus is het die gestorven is, ja meer, die opgewekt is…'
• God rechtvaardigt; de mens heeft dat gezag niet.
- Jakobus 4.12
'Er is maar één wetgever en rechter, Hij die kan redden en verderven.'
• De mens kan niet over iemands redding beslissen.
Samenvatting
Deze verzen laten duidelijk zien:
- De Messias Jezus alleen bezit de macht om te redden, te vergeven en te oordelen.
- De discipelen ontvangen het gezag om aan te kondigen en toe te passen wat de hemel al heeft vastgesteld.
- De 'sleutels' geven geen zelfstandige macht, maar een functie van vertegenwoordiging van het Koninkrijk.